Craco, het dorp van de eeuwige stilte

Het was nog vroeg in de zomer en de strand etablissementen in Basilicata vertoonden nog weinig leven, zelfs al was het prachtig warm weer en de hemel stralend blauw. Iemand zei “Craco” en of we daar wel eens van gehoord hadden. Nee dus. Vervolgens vouwden we ons weer netjes terug in het minibusje en daar gingen we van Metaponto het achterland in.

Een excursie, een uurtje buiten Matera  

De weg was redelijk saai. Na een half uur met weinig enerverends aan beide kanten van de weg kom je in de Calanchi Lucani, door erosie uitgesleten valleien zoals die ook in andere delen van Italië wel voorkomen, maar dan veel minder spectaculair. Het glooiende landschap met groene heuvels verbindt de Lucanische Dolomieten met de kust, in het voorjaar als de weiden na de winter opnieuw tot leven komen met een overdaad aan wilde bloemen kan het heel lieflijk zijn. Het dorpje Peschiera is het laatste teken van leven. Daarna wordt het uitgestorven. 

Craco ligt aan het einde van de weg, een dorp op een heuvel. Ooit moet dit een welvarende en redelijk grote plaats geweest zijn, nog staan er de resten van 4 belangrijke pallazi en een toren van de Noormannen die de tand des tijds nog het beste heeft overleefd.

In de 16de eeuw leefden er gemiddeld 2500 zielen. Ver voor onze moderne jaartelling was de plek al bewoond en ook de in het zuiden van Italië veel genoemde en geroemde Frederik II komt voor in de geschiedenis van Craco, in die tijd een legerplaats waar belangrijke wegen zich kruisten.

Craco verliest de strijd met de vooruitgang van de 20ste eeuw  

Maar Craco ging uiteindelijk ten onder aan de moderne tijd. Toen de stad zich wilde aanpassen aan de sanitaire behoeften van de 20ste eeuw, werd de structuur van de grond waar het dorp op gebouwd was, dusdanig verstoord dat een aardverschuiving in de jaren ´60 een groot deel van het dorp verwoestte. Een aardbeving in de jaren ´80 maakte het dorp daarna zo onveilig om te wonen dat de bevolking geëvacueerd werd en naar het naburige Peschiera moest verhuizen. Veel waren het er niet meer want inmiddels had een groot deel van de bevolking al gekozen om naar Amerika te verhuizen en in de eeuwen ervoor hadden besmettelijke ziekten de bevolking al danig gedecimeerd.

Onder leiding van een goed Engels sprekende officiële gids die uit Ghana afkomstig blijkt te zijn beklimmen we het pad naar boven, naar het redelijk goed bewaard gebleven middeleeuwse centrum. Het is te gevaarlijk om zonder deskundige begeleiding in het dorp rond te wandelen en we worden dan ook vooraf waarschuwend toegesproken. Geiten, ezels en vogels zijn tegenwoordig de permanente bewoners en voormalige bewoners komen zo af en toe langs om de dieren van water en eten te voorzien.

Calanchi   

Van bovenaf is het goed te zien hoe de calanchi zijn ontstaan, veel meer dan dat je beneden staat en tegen de groenen heuvels aankijkt, de grillige vormen van het landschap met lange schaduwen zien er geheimzinnig en een beetje dreigend uit. Het is niet voor te stellen dat in deze onherbergzame heuvels ooit welvarende communes bestonden waar om gevochten werd, maar zo is de geschiedenis.

Het is aan te raden om vooraf een kijkje te nemen in het museum over Craco en je voor te bereiden op wat je gaat zien, je zal het bezoek aan het dorp meer waarderen.

Wij verbleven in het romantische Palazzo dei Poeti in Tursi, een verbouwd antiek palazzo met mooie welvende stenen plafonds die er al eeuwen gestaan hebben. In het plaatsje Bernalda kan je natuurlijk een kamer in het hotel van Francis Ford Coppola, Palazzo Margherita boeken, maar wil je het iets minder filmsterachtig aandoen kan je kiezen voor Borgo San Gaetano,  

Geschreven door Nelleke Pruijs 

https://bit.ly/2FnlR0K

 

 

 

Circa:
Nee

Reageren

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
Aantal stemmen: 0