De wereld van de Rotterdamse kunstenaar, 16 - Jacob

Ik bezoek het atelier van Jacob op het Rotterdamse Oostplein. Witte gordijnen hangen voor het raam en ook voor de entreeruimte. Geen bel. Kloppen maar. Er wordt meteen opengedaan. Het is de kunstenaar, Jacob.  

Wat verderop in de enorme en vooral hoge en lichte werkruimte zie ik Bert Frings staan. Hij werkt tegenwoordig vaak samen met Jacob. Binnenkort hebben ze samen een expositie in Barcelona. Ze leggen de laatste hand aan een aantal tekeningen en beelden. Alles wat in het hele linkergedeelte  van de werkruimte staat, gaat binnenkort naar Barcelona. Aan de rechterwand bevindt zich het ‘laboratorium’, er hangen een aantal tekeningen en een werk met als uitgangspunt een cover van The Economist met een reeks plaatjes over wetenschap en economie.

HIGGS-deeltje

Op het werk is een pil te zien, een mix van bacteriën, en andere voorbeelden van de combinatie wetenschap en economie. Jacob heeft wat met wetenschap. Hij is afgestudeerd natuurkundige en deed zo’n vijf jaar wetenschappelijk werk, hij heeft zelfs een aantal patenten op zijn naam staan, vertelt hij. Maar hij is niet voor niets nu kunstenaar en geen wetenschapper meer. 

“Een goede wetenschapper beseft dat hij eigenlijk maar heel weinig weet”, zegt hij. Er zijn hele werelden die we nog nooit hebben gezien. De wetenschap werkt stapsgewijs, via trial en error, en ontwikkelt bijvoorbeeld een nieuwe pil. Tegelijkertijd is het fijne van het meeste onbekend: van bacteriën tot sterrennevels. Recent werd bekend dat het HIGGS-deeltje, met als bijnaam God’s particle, bestaat. Wetenschappers hopen dat ze daarmee verder kunnen. Dat HIGGS-deeltje is natuurlijk een metafoor. Het gaat om processen, energievelden.” 

Nemen we onze planeet, de aarde. Jacob: “Hoe zou het zijn in het midden van de aarde? Men heeft altijd gezegd: dat is een gloeiende massa, maar men begint er nu achter te komen dat het waarschijnlijker is dat er een grote metalen knikker is. Er is een enorme druk en samenpersing, dan krijg je eerder metaal dan een vloeibare massa. Zo zijn er zoveel dingen die we niet weten. Dat is ook niet erg. 80% weten we niet en daar hebben we, pragmatisch als we zijn, geen probleem mee in het dagelijks leven. We hebben bijvoorbeeld geen idee welke spieren we aanspannen als we bepaalde handelingen verrichten. Toch verlangen we naar verklaringen van het onbekende. Vroeger verwachtten we die van God, tegenwoordig van de wetenschap.”

Gd

Overigens, de website van Jacob is Jacob.Gd. Heeft dat ook iets met God te maken? “Iedereen kan kiezen hoe hij Gd interpreteert. Er zijn drie mogelijkheden: 1) Grand Dieu, 2) God Damned of 3) Google Decides.”

Ook in Jacob’s kunstwerken zien we werelden die niet thuis te brengen zijn, vreemde vormen en figuurtjes. Die maakt hij met allerlei grondstoffen en met inzet van meer disciplines. Hij spreekt zelf over ‘onbekende beelden’. Dat zijn niet meteen abstracte beelden overigens. “Een geometrisch abstract schilderij kon veel vertrouwder overkomen dan een portret met een vreemde draai erin. Hoe we dingen zien is erg bepaald door perceptie en ervaring. Onbekende beelden dagen ons uit. Zien we het als gevaar of als een mogelijkheid?”

Vanitas

Jacob ontwikkelt computersoftware die hij gebruikt voor zijn werk. Zo gebruikt hij geen verf, maar mengt hij digitale foto’s om een groot aantal digitale verfsoorten te krijgen. We lopen naar een groot schilderij met veel blauwen dat helemaal links aan de andere muur hangt. “Dat werk is gemaakt met digitale foto’s. Ik heb een groot palet met veel blauwen gemaakt. Ik heb software gemaakt om verf te mengen, te schilderen, zelfs om te kunnen schrapen.” Het werk heeft daarnaast  ook textuur en schaduw. Het doet zelfs enigszins klassiek aan. “Ik gebruik de hele renaissance trukendoos om volumes, ruimte en diepte te creëren.”    

We bekijken de andere onderdelen van het werk dat Jacob binnen het J&B collectief gemaakt heeft en dat als een installatie naar Barcelona gaat. J&B werken met het thema Vanitas, dat zowel ijdelheid als verval betekent. Op de grond zien we een bedelaar gebogen op de grond zitten, zittend op kranten, die – als we goed kijken – pagina’s van de Financial Times zijn. Is dit een slachtoffer van de financiële crisis? Ik zie ergens Deutsche Bank in vette letters. Zijn chique kostuum, versleten en rafelig geworden, wijst daar ook op. Er zit een lepel in zijn broekzak. ‘The Beggar’ heet het beeld. Bert Frings: “Het verwijst naar het schilderij ‘De Marskramer’ van Jeroen Bosch.” Jacob: “Het verwijst ook naar de westerse zelfingenomenheid. Wat wij, in Nederland, in het westen, weten is goed en is de maatstaf voor het welbevinden van de rest van de wereld. Wij bepalen wat en hoe de wereld consumeert. En de resten ervan kunnen we vinden op straat. Vuilniszakken, pizzadozen, stickers, ineengefrommelde drankblikjes, afval.” Ik zie inderdaad, nu allerlei gebruikte blikjes, allemaal van J&B. En heel veel vette vliegen. Ook op de kunstwerken aan de muur. “Die vliegen hebben we in Italië laten maken, bij een glasmaker. Ze zijn gemaakt van muranoglas.’’

OXI

Niet alleen Jeroen Bosch figureert op de achtergrond, ook Willem Claesz. Heda, een kunstschilder uit de Gouden Eeuw die zich specialiseerde in stillevens in de Vanitas traditie. Met zijn schilderijen van tafels met drinkbekers, roemers, hammen, perziken, citroenen, kazen en schedels gaf hij commentaar op de overvloed van de Gouden Eeuw.

Jacob en Bert hebben het vertaald in hedendaagse afbeeldingen. Gezeefdrukte vuilniszakken in geel en grijs, zelf getekend, protestborden van Occupy en het Spaanse protest tegen de economische rampen in dat land, op een andere vuilniszak de hoofdletters OXI (‘Nee’ in het Grieks), diverse stickers, Darth Vader uit Star Wars met een groot euroteken, een banier met daarop de tekst ‘Islamists not Welcome’ met een ‘kruisvaarder’ en wat lijkt op een gesluierde vrouw. Bert: “Dit banier was niet zo lang geleden in Rotterdam te zien.”

Er is een kast, die tegelijk als sokkel fungeert voor een betonnen beeld. Jacob: “Dat beeld is al wat ouder, maar past hier goed bij.” In de kast zie ik pizzadozen. Die zouden daar door de bedelaar neergelegd kunnen zijn. Misschien is dat kastje wel de opbergruimte voor de weinige spulletjes die de bedelaar nog bezit. De zeer realistische pizzadozen blijken tekeningen te zijn, met protestborden als afbeeldingen erop.  

Samenwerking

Jacob: “We geven met een lichte glimlach commentaar op de maatschappij. We zijn aan het spiegelen. Als een soort hofnarren. We zien schoonheid in verval, zelfs in moreel verval. Dat wordt niet altijd gewaardeerd.”

Sinds een jaar werken Jacob en Bert Frings samen. In het begin ging het over en weer. Jacob bracht zijn tekeningen, die Bert vervolgens onder handen nam. Nu maken ze fysiek dingen samen, waarbij niet te herkennen is wat van  de een en wat van de ander komt. “Met zijn tweeën ben je kritischer. Maar je hebt ook meer vaardigheden, meer mogelijkheden. Je rekt als het ware elkaar op. In ideeën, thema’s, aanpak en kwaliteit.  En je hebt ook twee netwerken die elkaar voor een deel gaan overlappen. Behalve Barcelona komen er nog twee tentoonstellingen, onder andere een solo tentoonstelling bij galerie Zerp. En er komt een publicatie begin volgend jaar.

Afbeeldingen: 1) J&B # 2, 2) The fly, 3) Pizzabox detail, 4) OXI, 5) J&B, Los Clones de Yuppie ( Tela Povera), 6) Deutsche Bank, 7) Beggar Banker, 8) Prosperity, 9) Jacob Inconcrete (Organ), 10) Jacob –Unknown, 11) Jacob – My brother’s demons, 12) Inconcrete, 13) Break free entropy

http://www.jacob.gd/

Circa:
Nee

Tags

Reageren

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
Aantal stemmen: 0