De wereld van de Rotterdamse kunstenaar, 6 - Onno Poiesz

Ik bezoek Onno Poiesz in zijn atelier aan de Keileweg. Onno werkt veel met keramiek, brons en terrazzo. Hij ontwierp de deurknoppen, ook wel ‘deurduwers’ genoemd in de NS-treinen. Zowel van de oudere DDZ dubbeldekker, als de nieuwste dubbeldekker, de VIRM.

Onno Poiesz: ‘Het ging via een pitch. Wat is totaal ongewenst in een trein? bedacht ik me. Kauwgomvlekken, graffiti, asbakken, onbeduidende dingen. Ik noemde het voorstel Undesirable Objects. Van die onbeduidende dingen wilde ik deurknoppen op de nieuwe glazen deuren maken. De eerste was een asbak. De asbak, nu een demonisch symbool, kwam op een klantvriendelijke manier weer terug in de trein, in brons. Een aan de ene kant van de deur en een precies daarbij passende aan de andere kant van de deur. Behoorlijk zwaar van gewicht: vier kilo. Ook frietbakjes. Kauwgom, ook in brons en ook zwaar, kreeg de vorm van bubbeltjes. In de VIRM-dubbeldekker komen er vijf varianten.’ Poiesz: ‘Ik neem mijn petje af voor de NS, dat zij dit project hebben aangedurfd.’

Mond-en-klauwzeer

De kunstproducten van Onno Poiesz zijn zeer gevarieerd. Van grote geglazuurde vliegtuigen, zitobjecten in een park, keramische gebruiksvoorwerpen, althans zo ziet het er op het eerste gezicht uit, tot een groot bruin paard in een ruimte aan de Coolsingel. Gevraagd naar een centrale noemer zegt Poiesz; ‘Vergankelijkheid’, niet in de zin van het verdwijnen en wegrotten van dingen, ik zoek het eerder in bestaande vormen met een tijdelijk bestaan, plastic bijvoorbeeld. Het omzetten van tijdelijke producten naar duurzame, door ze te verstenen, vind ik een mooie gedachte. Daarom werk ik graag met keramiek, brons en terrazzo. Hoewel ik geen keramist ben, verwijs ik wel graag naar de eeuwenoude geschiedenis van de keramiek.’

Hij vindt het interessant om het werk op plastic te laten lijken. Thema’s zijn zaken als ‘ongeluk’, tragische gebeurtenissen’, ‘mond-en-klauwzeer’, verpakt in een andere jas. Het keramisch werk is veelal in wit. ‘Zakelijker zou het interessanter om felle kleurtjes te gebruiken, maar ik geef de voorkeur aan wit of een transparante glazuur. Het werk is met mallen gemaakt en dat is het beste zien met deze tinten. De Little ponies - recent op de No Walls expo in de Fenix Loods te zien - moeten deze kleur hebben.’

Sanitaire fabriek in Amerika

Als hij een tinteling in zijn buik voelt bij iets wat hij aanpakt, is hij goed bezig. Dat is zijn houvast. Is dat gevoel er niet, dan kan hij er beter niet aan beginnen. ‘Binnen een beperkte interesse; kunst, heb ik een brede interesse: kunst. Houtsnedes maken lijkt me heerlijk, maar ik houd het nu tegen, het moet wel een logisch gevolg zijn van waar ik mee bezig ben. Ook glas lijkt me heel interessant, of de combinatie van glas met de materialen waar ik nu veel mee werk. En brons, maar daar ben ik nog niet helemaal uit.‘

Er is de stapelcollectie en daarnaast de functionaliteitscollectie. De Little ponies is een voorbeeld van de ‘stapelingen’, pony’s, varkens, vliegtuigen. ’Het heeft een makkelijkheid omdat het op elkaar is gegooid. Dat voelt goed. Er komt veel techniek bij kijken, maar ik vind het belangrijk dat het er gemakkelijk uitziet.

De functionaliteitscollectie is behoorlijk anders, strakker, het lijken vaak gebruiksvoorwerpen. In 2010 was Onno Artist-in-Residence in de kunstruimte van de grootste sanitaire fabriek van Amerika,  het John Michael Kohler Arts Centre in Sheboygan, Wisconsin. Het werk wat hij daar maakte had wel wat weg van datgene wat industrieel in de fabriek gemaakt werd: dingen je zou kunnen houden voor gebruiksvoorwerpen voor in de keuken, urinoirs, beeldschermen en miskelken. Onno noemt het ook wel ‘de biechtstoelserie’. Een van de voorwerpen heet ‘Like a Prayer’ en heeft wel wat weg van een miskelk.

Deze tijd in Amerika heeft nogal wat impact gehad en is een kantelpunt geweest voor zijn werk. De deurknoppen voor de NS liggen in het verlengde. Poiesz: ‘Het is het mooie grijze gebied tussen kunst en design. Veel designers maken kunst, maar het wordt pas interessant als kunstenaars design maken.’

Paard in Coolsingel

Daarnaast heeft hij recent voor een school een kroonluchter van aluminium gemaakt. Het is te zien op dit moment in Witte de With. Het is een ‘vanitas-opdracht’, alles is gesampled. Poiesz: ‘Opdrachten moeten een verlengstuk zijn van je beroepspraktijk. Maar ik kijk wel naar de omgeving. Zit er een thema, een verhaal in? Zoals de kunstenaar van de IK-werken, Jan van Munster,al zei: ‘Een leuk beeld maken is makkelijk, maar een goed werk is iets anders.’ Ik ambieer dit ook. Het is heel goed dat kunst wringt, daardoor blijft het interessant.‘

Als zijn sleutelwerken noemt hij de Little Ponies en Like a Prayer omdat ze exemplarisch zijn voor  voor de twee hoofdstromen voor zijn werk, de ‘stapelingen’ en de ‘funcionaliteitscollectie’.  

Onno Poiesz studeerde in 1998 af bij St. Joost, Breda en in 2000 de post-hbo op de Willem de Kooning Academie in Rotterdam. Hij was een tijdje zoekend, had verschillende ‘heel leuke’ bijbanen als muurschilder, zoals de letter van het nieuwe Luxor en assistent collectie beheer bij het Museum van Oudheden in Leiden. In 2001 maakte hij een driedimensionaal schilderij van een paard dat geëxposeerd werd in een lege ruimte aan de Coolsingel. Vanaf dat moment voelde hij zich echt kunstenaar. Poiesz: ‘Het verhaal deed het ‘m. Is er een tragedie met het paard aan de hand? Rekt het paard zich uit? De mensen wisten het niet. Ik besefte: dit wil ik voortaan maken, een verhaal vertellen met een beeld, wel zo dat mensen op het verkeerde been gezet worden.’   

De kunstwereld

Hij ervaart de kunstwereld als een dynamische wereld. ‘Het is niet alleen maar leuk. Maar ik zou niets anders willen. Het is elke dag spannend. Ik voel erg de behoefte nieuwe werken te maken.’ Hij heeft geleerd dat het van belang is tijd te reserveren voor relaties en acquisities. ‘Op dat punt leer ik elke dag.’ Hij werkt in een omgeving met veel kunstenaars, van Buro Rotterdam en de stichting Kunst en Complex. ‘Een dynamische omgeving met kunstenaars houd me in beweging. Ik ben behoorlijk individueel, het werken met assistenten vind ik moeilijk. Ik heb wel even gedacht om vanuit huis te werken, maar het beste werkt voor mij een eigen plek in een omgeving waar wordt gewerkt.

Circa:
Nee

Tags

Reageren

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
Aantal stemmen: 0