Oria in de Salento: over duiventorens en de liefde van Henriette Prast voor een middeleeuws dorp

Je hebt ze vast wel eens zien staan op het platteland van Puglia. De karakteristieke ‘Torre colombaia’ of duiventorens die je tegenkomt en die dienen om duiven te fokken. Een belangrijk deel van de plattelandseconomie in de Salento was afhankelijk van de duivenfokkerij die in handen was van de grootgrondbezitters in de middeleeuwen. Zo’n vierkante of soms ronde toren kon duizenden duiven herbergen in nissen die speciaal werden gecreëerd in de dikke muren van de torens.

Oria, 32 eeuwen jong 

We dwalen door kronkelende steegjes, pleinen, trappen en binnenplaatsen van het oude centrum van Oria, waar vrouwen ‘orecchiette’ maken en het naar amandelspijs ruikt. Oria is een middeleeuws dorp aan de poorten van de Salento halverwege tussen de Ionische en de Adriatische Zee. De oorsprong van Oria lijkt te dateren van rond 1200 voor Christus. De stad had een strategische rol dankzij haar positie langs de Via Appia tussen de twee belangrijke steden Brindisi en Taranto. Het kasteel van Keizer Frederik II  uit 1225 en het ‘Montalbano Park‘ domineren het stadsbeeld samen met middeleeuwse torens, koepels en huizen die in de heuvels rondom te vinden zijn.

Nadat we het archeologisch museum hebben bezocht, lopen we de barokke basiliek van ‘Maria Santissima Assunta in Cielo’ binnen. Een trap leidt naar de Crypte van de mummies die gebouwd werd in 1484 om de gevallen strijders te eren uit de strijd tegen de Turken bij Otranto in 1480 en 1481. iets verderop zien we het bisschoppelijk paleis.

Op een terrasje drinken we een ‘latte di mandorla’ amandelmelk als we in gesprek raken met de eigenaar van het cafe die gezellig bij ons aan tafel komt zitten. Oria heeft een van de oudste joodse gemeenschappen in Europa en was een belangrijk studie centrum, de ‘Jodenpoort’ en de joodse wijk herinneren er nog aan. Jaarlijks wordt hier op van 10 tot 12 augustus een Palio gehouden ten ere van Frederik II van Schwaben. Ook de ‘Perdonanza dei SS. Medici’ is leuk om mee te maken zegt hij om ons enthousiast te maken want “ik loop in beide optochten mee!”. We moeten helaas afscheid nemen van de ‘barista’, want we willen niet te laat komen voor een lezing over de Duiventorens van Salento die deze middag in een Masseria wordt georganiseerd.

‘Torre Colombaia’ (duiventoren)   

Het is niet ver naar de Massaria Palombara van Oria en even later staan we dan voor de duiventoren, een rond gebouw van bijna 10 meter hoog. De torens, die vanaf de 15e eeuw overal in het landschap verschijnen dienden om duiven te kweken, een geliefd soort vlees dat bovendien volgens de middeleeuwers erg gezond was, vooral voor kinderen en ouden van dagen. Frederik II had in de 13e eeuw een dozijn kastelen in Zuid-Italië waar deze torens bij gebouwd stonden en hij trok van het ene naar het andere kasteel om vers ‘koninklijk vlees’ aan zijn gasten te kunnen voorschotelen. De duiven nestelden zich in de grote torens met honderden tegelijk. Hiervoor werd een patroon van nissen in de dikke muren aangebracht, die ook dienden als trap waardoor de fokker gemakkelijk toegang kreeg tot de eieren en jonge vogels voordat ze konden uitvliegen.  

Duivenmest werd gebruikt op de velden en ook bij het leerlooien om huiden te prepareren voor het maken van kleding en leren artikelen. Vroeger had ieder kasteel en elke boerderij een duiventoren. “In de masseria hangen foto’s hoe we de toren aantroffen toen we hier kwamen wonen” vertelt Angelo, de eigenaar van Masseria Palombara die samen met zijn vrouw Fabiola en hun twee zoons en honden hier woont.  

Masseria Palombara heeft alles in overtreffende trap

Gelegen tussen amandelbomen, palmen en oude olijfbomen, nu een geliefd hotel ligt het oude witte gebouw dat gebouwd werd tussen 1600 en 1800, na een grondige restauratie waarbij zorgvuldig de authentieke plattelands architectuur werd gerespecteerd. Overal zijn mooie hoekjes en er is aantonend veel aandacht aan de details gegeven.

Die avond eten we op het terras van het sfeervolle restaurant met gerechten gemaakt van  ingrediënten uit de biologische moestuin. Fabiola vertelde me dat ik niet de enige ‘olandese’ ben die avond als ze me voorstelt aan een blonde dame, Henriette Prast uit Amsterdam, die hier vaak komt eten en haar hart verloren heeft aan deze streek en Nederlands hoogleraar, senator en columniste is (feiten waar mijn gastvrouw goed va op de hoogte was).

“Mag ik je een glas ‘Primitivo van Morella’ inschenken, het is een van mijn favoriete wijnen”, vraagt ze. En dan vertelt ze dat ze voor het eerst in Italië kwam als ze bij haar grootouders ging logeren die een vakantiehuis aan het Comomeer hadden. “Het was altijd al mijn droom om een huis in Italië te hebben. De Italianen en het Italiaanse leven, ik vind het prachtig. Inmiddels spreek ik de taal vloeiend en kan me daardoor goed redden in Puglia. Ik vind het geweldig hoe mensen hier met elkaar omgaan, trots op wat ze te bieden hebben zonder dat het, zoals in Frankrijk vaak, chauvinistisch wordt. Die droom is nu verwezenlijkt in Oria, hier heb ik sinds een paar jaar mijn ‘casa dolcissima casa’”, lacht ze.     

Geschreven door Olga Bibi Segaar

https://bit.ly/2OxxTFM

 

Circa:
Nee

Reageren

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
Aantal stemmen: 0