Totstandkoming van een fotoproject


Dingen, ondingen en knipogen: eerste foto

Francis Ponge (Fransman) schreef in 1942 een boek met als titel Le parti pris des choses. In vertaling heet dat Namens de dingen. Het bevat korte teksten over gewone dingen zoals regen, de strandkei, water, een slak. Ponge zoekt naar - en beschrijft de essentie der dingen.
Echter, ik ben al blij als ik één kenmerk van 'n ding kan visualiseren.
Albert Renger – Patzsch, een Duitse fotograaf maakte in 1928 een boek, met daarin honderd foto’s, waar hij de titel Die Dinge aan gaf. Zijn uitgever wilde niets van die titel weten; het werd Die Welt is schön.
Dit fotoboek werd een bestseller.
Trouwens, Paul Sebes schreef een boek getiteld Bestseller over: schrijven, maken, uitgeven en verkopen van boeken. 'Als je er 10.000 verkoopt, krijgt het een sticker met 'bestseller' erop...'

Ik begon aan een nieuw fotoproject met als werktitel: dingen.
Door te fotograferen kwam ik er achter dat dingen soms ondingen waren en veranderde de projectnaam in: dingen, ondingen. Dat gaf meer duidelijkheid.
Duidelijk  was al dat ik geen bomen (dat was een vorig project) en geen mensen zou doen. Mensen deed ik namelijk eerder voor mijn sociale fotografie. Ook wilde ik geen kunstgalerij maken door kunstwerken te fotograferen. Als ze er al op kwamen dan als ding.Toch miste ik nog iets.
Ik zocht behalve duidelijkheid ook vrijheid. Die vond ik door nog een derde woord toe te voegen: knipogen. Daar kon ik vele kanten mee uit. Bovendien, die driedeling beviel me ook.
Het werd dus Dingen, Ondingen en Knipogen (DOK).
De eerste foto uit het boek laat een kenmerk van water zien: water valt.
Het volgende citaat van Francis Ponge gaat er aan vooraf.

"Je zou haast kunnen zeggen dat het water gek is, vanwege zijn hysterische behoefte om alleen maar te gehoorzamen aan zijn zwaarte..."

Dingen zijn overal.

Ik fotografeerde lopend, vanaf de stoep. Het gaat er dan om dat je de dingen / objecten waar je normaal geen aandacht voor hebt, ziet. Dat vereist een vorm van alertheid die je doorgaans niet opbrengt voor de dagelijkse omgeving.

Leegte

 

Zo ben ik heel vaak langs een huis gelopen en gefietst zonder dat de hoog aan de voorgevel bevestigde witte, lege, lichtbak mij opviel.
Tot toen ik luisterde naar een stemmetje in mijn hoofd, dat zei: ‘wat een geinig ding’.
Hoor het woord ding, en kijk goed. De foto van dat object is gauw gemaakt. Nou ja, de omstandigheden, vooral de lichtomstandigheden moeten kloppen.
Dat stemmetje gebruikte soms woorden als:  een mooi ding, een rot ding; wat is dat voor ding? 
Door goed naar die innerlijke stille stem te luisteren is fotograferen eenvoudiger geworden.

Aldus werken is een vorm van sensitieve improvisatie, een werkwijze die ik tegen kwam bij Duitse dadaïstische kunstenaar Hans Richter. 
Met camera en statief heb ik gedurende een aantal jaren systematisch alle straten van Den Haag doorgelopen. Ongeveer de helft van de in het boek opgenomen foto’s is op minder dan acht minuten lopen gemaakt. Hoewel dingen overal te vinden waren, vond ik ze niet altijd geschikt.

Ik wilde het boven genoemde aantal van honderd per se te halen. Ik liep verder en verder. Het bereik werd groter en groter, tot in het buitenland. Uiteindelijk zijn echter alle foto's binnen Europa gemaakt.
Het werden er meer dan honderd, ik kon kiezen.

Stilleven

Dingen zijn dood. Een foto van een ding is een stilleven. Dat woord letterlijk nemen, betekent dat een stilleven nog steeds leeft.

blauwe reiger

 
In de Haagse Suezkade zag ik een dode blauwe reiger drijven. Ik wachtte rustig af tot ik de vogel  goed in beeld kreeg, en maakte de foto. Die foto liet ik aan mijn oudste kleindochter zien, ze zat op de basisschool in groep zeven. 

Ze kijkt; ze kijkt nog eens, en zegt: ’oh’.
Pauzeert even.
En zegt dan: ‘ah’.
oh = Verwondering over de schoonheid van de (nog vliegende?) vogel.
ah = Treurnis over diezelfde vogel, maar dan dood en drijvend.
In die volgorde. Het leven komt voor de dood. 
Lijkt een gefotografeerd stilleven te leven? Dan is dat een vorm van foto-animisme.

Manier van kijken

Fotograferen verandert je manier van kijken. Daar heb ik ervaring mee.

Die dag was het weer gelukt een foto te maken die ongetwijfeld bij de te selecteren honderd komt. Een foto van een engel, blazend op een hoorn, boven op een kerktoren, bij een sfeervolle blauwige verlichting.
Ik dacht na over de titel en associeerde op woorden als, blauwe engel, gevallen engel(en).
Dat laatste maakte mij duidelijk dat ik nóg een foto moest maken, namelijk een van een gevallen ster. Die ster stond in een scheef gewaaide halve maan op een koepel van een moskee. Dat had ik al heel vaak gezien maar niet gefotografeerd. 
Een scheve ster op een heiligdom. Waarom wordt dat niet hersteld?

Door via associatie op een titel, anders, fotografisch te kijken, kon ik er pas een foto van maken.

vallende ster

Ze kreeg als titel: vallende ster.

Nieten

Met de gekozen naam (DOK) voor het project lijkt het eenvoudig de gemaakte digitale foto’s in passende mappen te stoppen. Is een foto een ding, een onding, of een knipoog?
Ding of onding is een kwestie van een persoonlijk oordeel. Personen verschillen, oordelen verschillen.
Soms staan er verschillende objecten op één foto, welk geeft dan de doorslag als het ene een ding en het andere een onding is?

Ik maak een foto van een constructie van stalen balken die op palen staat, en boven water uitsteekt. Het object trekt mijn aandacht ook nadat ik de foto op het schermpje heb gezien en ze tegen valt. De foto heeft te weinig zeggingskracht. De achtergrond zou minder opvallend moeten zijn door bijvoorbeeld bij mistig weer te fotograferen.
In mijn aantekeningen schrijf ik: mist verstilt. Een tijd later ga terug; de stilte is er hoorbaar.
Uiteindelijk verdwijnt ook die foto in de map van nieten.
Ze bracht mij een nieuw idee.

constructie

Fotografeer het onzichtbare, fotografeer stilte, het onhoorbare.

Kill your darlings

Bij de start van een nieuw project spelen sommige foto’s een doorslaggevende rol bij het vormen van het idee dat als basis dient.
Sommige foto’s spelen weliswaar die rol, maar ze overtuigen niet wanneer het puur om fotografische kwaliteit gaat. Ze blijven geselecteerd, tot op het moment dat je werkelijk knopen durft door te hakken.
De term kill your darlings komt uit de literatuur. Schrijvers kennen dat en hakken knopen door. Ze schrappen tekst. Pas hem toe op fotografie en verbeter zo de kwaliteit.
De getoonde blauwe kamer was een darling to kill. Deze foto is als knipoog bedoeld.

blauwe kamer

 

Een knipoog naar eerder gebruik van een toilet door de Franse kunstenaar Duchamps die in 1917 een urinoir als kunstwerk in een museum plaatste, en een knipoog naar de bekende Amerikaanse fotograaf Weston die zijn toilet al in 1925 fotografeerde. De blauwe kamer staat niet in het boek.

Google Streetview

Hieronder volgt een schermafdruk gemaakt van Google streetview (links) en een 'vergelijkbare' opname met als titel Gevelstenen. Let op het kleine rechthoekige, lichtere detail in de gevel op de linker foto voor een goede vergelijking met de foto rechts.

streetvieuw

 Lokatie: Den Haag, hoek De la Reyweg / Steijnlaan.

 Dezelfde foto's maken als in Streetview, daar is geen eer aan te behalen. Niet doen.
Streetview is ook handig om te bekijken en te beoordelen wáár foto's gemaakt kunnen worden. Immers men kan een straat al virtueel doorgaan en eventueel inzoomen op een detail voor men een stap in de echte wereld zet.

Dingen en knipogen: laatste foto.

Kan van elk object een ding-foto gemaakt kan worden?
Kan bijvoorbeeld een kunstobject tot ding gefotografeerd worden? En hoe zit dat met mensen?
Fotografische middelen als camerastandpunt, licht(omstandigheden), uitsnede, helpen daarbij.
Ik heb dat toegepast op meerdere objecten en er een ding-foto van gemaakt.
Met een object bleek dat erg lastig, namelijk met een molen. Zolang wieken (deels) zichtbaar blijven op een foto wordt het nooit een ding; het blijft een molen.
Ik heb daarom een foto van een molen met de titel ‘knipoog’ als laatste in het boek opgenomen.
Het is verder aan de beschouwer te beoordelen of een foto behoort tot de categorie ding, onding, of knipoog.

Engels en Nederlands.

Vanaf het begin was mijn idee dat dit fotoboek weinig tekst moest bevatten. Geen inleiding, geen voorwoord, wel een nawoord. Alle foto's kregen een titel.
Gekozen is voor twee talen: Nederlands en Engels.
Vertalen is een vak. Joyce Wierda heeft met een fijn gevoel voor Engelse taal en met speelse vrijheid die taak uitgevoerd.

wipstaarten

Deze twee foto's kregen als titel: bunny - wipstaart.

Kiezen voor twee talen heeft uiteraard direkt gevolgen voor de vormgeving van het boek.

 Ritme en vormgeving.

Bij het bepalen van de volgorde van de 100 foto's heeft de eerder genoemde Richter mij inzicht gegeven. Hij onderzocht de betekenis van ritme voor visuele kunst en schreef er over. Ik neem hier een kort citaat van hem op dat ook in mijn procesverslag staat. 
Overigens had Jordi Ringeling (vormgever) dat hele verslag graag in het boek opgenomen.

"The rhythm of a work is equal to the idea of the whole. Rhythm is the thing that informs ideas, that which runs through the whole: sense=principle, from which each individual work first gets its meaning. Rhythm is not definite regular succession in time or space, but the unity binding al parts into a whole."

In het gesprek met Jordy kwamen de kenmerken van dingen aan de orde.
De vraag was, kunnen die kemerken (deels) in de vormgeving terugkomen?
Bijvoorbeeld dat een ding naamloos is, niet af is, niet perfect is. Dat het weerbarstig is en zich niet zomaar prijsgeeft.

De rug van het boek is genaaid. Het plat drukken van gebolde pagina's waarbij een foto over twee bladzijden staat, veroorzaakt geen schade aan de band vanwege die versterkte rug: pagina's platdrukken mag.

Het zwarte gat: een ruzie

Het zwarte gat is de titel van een foto uit het boek.
Ik bedacht en maakte dat gat in een van binnen en van buiten met zwart fluweel bekleed kistje, als variant op een oefening om wit op wit te fotograferen: een witte vijzel op een witte ondergrond van papier. Dat was de klassieke oefening toen ik eind jaren zestig op de fotoschool te Den Haag zat.

Nu is er ruzie over wie het zwartste zwart heeft / kan maken. Anish Kapoor maakte voor De Pont, museum te Tilburg een kunstwerk 'zwart gat' (1992). Kapoor is een van de ruziemakende partijen. Hij gebruikt de verf Vantablack en heeft een concurrent die verf met naam Black 3.0 maakt. 
Wie heeft het zwartste zwart? 
Mijn zwart gat heeft het voordeel dat van het difuus reflecterende (1%) invallende licht maar een klein deel weer door het gat naar buiten komt en dus oogt het gat zwarter dan fluweel.

Voor meer informatie zie : https://nos.nl/l/2271181

Links

Voor mail: Loek Raemakers

Circa:
Nee

Reageren

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
Aantal stemmen: 0